De wintertijd start zoals ieder jaar op de laatste zondag van oktober. Om 03:00 uur gaat de klok een uur terug, naar 02:00 uur. Fijn, een uurtje langer blijven liggen, zullen veel mensen denken. Maar niet iedereen is blij met de halfjaarlijkse wisseling van zomer- en wintertijd. Sommige mensen ervaren dat hun biologische klok er flink van in de war raakt. Zou het misschien beter zijn als we één standaardtijd aanhielden? Steeds meer wetenschappers denken van wel. En dan bij voorkeur de wintertijd, onze ‘echte’ tijd.
Waarom de wintertijd gezonder is dan de zomertijd
Tegenwoordig hanteren we in Nederland twee tijden: de zomer- en wintertijd. De wintertijd is de oorspronkelijke, astronomisch correcte tijd. De zomertijd werd in 1977 ingevoerd om economische redenen. Door de klok in maart een uur vooruit te zetten, is het ’s avonds langer licht en wordt er minder kunstlicht gebruikt. Maar wat destijds bedoeld was als energiebesparende maatregel, blijkt een stuk ingewikkelder uit te pakken voor onze biologische klok.
Daglicht als dirigent van je bioritme
Ons lichaam heeft een interne klok – de circadiane klok – die bijna al onze biologische processen aanstuurt: van slaap en stemming tot hormoonafgifte en spijsvertering. Deze klok loopt iets langer dan 24 uur en heeft daarom elke dag een ‘herinnering’ nodig om weer gelijk te lopen met de omgeving. Die herinnering komt van daglicht. ’s Ochtends, zodra licht via je ogen de hersenen bereikt, krijgt de nucleus suprachiasmaticus (het deel van de hersenen dat de biologische klok reguleert) een seintje dat de dag begint. Het stresshormoon cortisol stijgt, je lichaamstemperatuur neemt toe en je hersenen schakelen over van rust naar alertheid.
Nachtstand
Wanneer we in de winter de zomertijd zouden aanhouden, zou het op de kortste dagen pas rond 10.00 uur licht worden. Dat betekent dat miljoenen mensen hun dag zouden beginnen in volledige duisternis ofwel precies het moment waarop je lichaam biologisch gezien nog in de “nachtstand” staat. Onderzoek van de Harvard Medical School en de Universiteit van München laat zien dat deze verstoring leidt tot meer vermoeidheid, concentratieproblemen en stemmingsdaling.
Het belang van ochtendlicht
Mensen zijn, biologisch gezien, ochtendwezens. Ochtendlicht is de belangrijkste natuurlijke prikkel om de interne klok gelijk te zetten met het etmaal. Zonder dat ochtendlicht verschuift je ritme langzaam naar later op de dag, wat leidt tot een zogenoemd social jetlag: je lichaam leeft op wintertijd, terwijl je agenda zomertijd aanhoudt. Bovendien heeft ochtendlicht een directe invloed op de aanmaak van serotonine, een neurotransmitter die je stemming reguleert en ’s avonds wordt omgezet in melatonine, het slaaphormoon. Minder licht in de ochtend betekent dus niet alleen een moeilijker begin van de dag, maar óók een slechtere nachtrust.
Gezondheidsrisico’s van de klokverandering
Hoewel het ‘maar’ om een uur verschil gaat, is de impact groter dan veel mensen denken. Zweeds onderzoek toonde aan dat het aantal hartinfarcten in de eerste drie dagen na de overgang naar de zomertijd significant toeneemt. Andere studies zagen een stijging in het aantal verkeersongelukken en werkgerelateerde fouten in diezelfde periode. Volgens de Amerikaanse econoom Austin Smith is het risico op ongelukken tot zes dagen na het verzetten van de klok verhoogd, vooral doordat mensen tijdelijk minder goed slapen en hun reactievermogen afneemt. De conclusie van de meeste chronobiologen is helder: onze gezondheid vaart het best bij een stabiele, natuurlijke tijdzone. En die is gebaseerd op de wintertijd.
5 tips om soepel over te schakelen naar de wintertijd
Hoewel de overgang van zomer- naar wintertijd biologisch minder belastend is (we krijgen immers een uur extra slaap), kan je ritme er toch even door schommelen. Deze vijf tips helpen je lichaam zich sneller aan te passen:
-
Stel je slaapritme bij
Ga de avond voordat de wintertijd ingaat een uurtje later naar bed dan normaal. Zo word je op zondag ongeveer op je ‘gebruikelijke’ tijd wakker. Volgens slaaponderzoeker Dr. Matthew Walker helpt dit om je melatonine-afgifte in lijn te houden met het nieuwe ritme. -
Houd vast aan structuur
Probeer in de dagen na de tijdswisseling vaste tijden aan te houden voor opstaan, eten en naar bed gaan. Een consistent ritme stabiliseert je biologische klok. Onderzoek van de National Sleep Foundation toont aan dat mensen met regelmatige slaaptijden zich energieker en emotioneel stabieler voelen. -
Zoek het licht op
Ga elke dag naar buiten, het liefst in de ochtend. Twintig tot dertig minuten natuurlijk daglicht – ook bij bewolkt weer – helpt je lichaam te resetten. Kom je niet aan voldoende licht toe? Overweeg dan een daglichtlamp van minstens 10.000 lux. Studies van de Mayo Clinic laten zien dat dagelijks lichttherapie je energieniveau verhoogt, je stemming verbetert en winter blues klachten kan verminderen. -
Luister naar je lichaam
Voel je je de eerste dagen wat slaperiger of prikkelbaarder? Geef eraan toe. Ga eerder naar bed of las een rustmoment in. Je lichaam heeft tijd nodig om zich te herkalibreren. Te weinig slaap maakt je niet alleen moe, maar verstoort ook je hormonale balans, waardoor je vatbaarder bent voor stress en eetbuien. -
Gebruik je extra uur bewust
Met het ingaan van de wintertijd krijg je een uur cadeau. Besteed dat niet meteen aan productiviteit, maar aan iets dat je ontspant: een wandeling, yoga, muziek luisteren of een warm bad. Uit onderzoek van de University of Sussex blijkt dat momenten van bewuste rust – zelfs kort – het zenuwstelsel kalmeren en je stemming verbeteren.
Meebewegen
De overgang naar de wintertijd is een mooi moment om stil te staan bij je eigen ritme. In een wereld die draait op snelheid en kunstlicht herinnert de wintertijd ons eraan dat we onderdeel zijn van de natuur. Door meer mee te bewegen met dat natuurlijke ritme, in plaats van het te manipuleren, geef je je lichaam de kans om te herstellen. En dat is misschien wel de meest waardevolle tijdswinst van allemaal.







